Schuld en vergeving


Op het eerste gezicht lijkt er van de notie van schuldbesef in onze huidige samenleving nog maar weinig sprake. Frauderende bestuurders eisen bij hun aftreden ongegeneerd gouden handdrukken, falende bewindspersonen treden veelal niet af en zinloos geweld is aan de orde van de dag. Tegelijkertijd kenmerkt onze cultuur zich door een zogenaamd zondebokmechanisme: de samenleving zoekt bij crises en incidenten massaal naar de ‘schuldigen’. Zo wordt bij gezinsdrama’s al gauw met een beschuldigende vinger gewezen naar Jeugdzorg, heeft bij rampen de overheid in de ogen van veel mensen nalatig of onzorgvuldig gehandeld en wordt de schuld van de financiële crisis toegeschreven aan graaiende bankiers. Sommigen beweren dat dit schuld-denken de ingrijpende invloed van het christendom in onze moderne cultuur aantoont. Naast de rol van schuld(besef), spelen bovendien veelal elementen van kwijtschelding, aflossing of vergeving van schuld een belangrijke rol. Griekenland wordt miljarden euro’s aan financiële schuld kwijtgescholden, in plaats dat de rekening wordt vereffend. Dit terwijl in eigen land discussies gaande zijn over het voorkomen van het doorschuiven van (financiële en ecologische) schuld aan toekomstige generaties. Tijdens dit HillegondaDebat stonden we stil bij de vraag welke plaats de noties van schuld en vergeving innemen in de huidige samenleving.

Spreker tijdens de avond was prof.dr. Ger Groot (1954). Groot is publicist, universitair docent voor cultuurfilosofie en wijsgerige antropologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en bijzonder hoogleraar Filosofie en Literatuur aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij studeerde theologie aan de Katholieke Theologische Hogeschool Amsterdam en filosofie aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij in 1983 cum laude afstudeerde, en aan de Université Paris X (Nanterre). Van 1983 tot 1990 doceerde Ger Groot filosofie aan de Universiteit van Amsterdam. In 2003 promoveerde hij op de studie Vier ongemakkelijke filosofen. Nietzsche, Cioran, Bataille, Derrida, over de invloed van Nietzsche op het twintigste-eeuwse Franse denken. Ger Groot schreef journalistieke artikelen, aanvankelijk voor het tijdschrift Streven en voor weekbladen als de Nieuwe Linie en Nieuwsnet, later voor Volkskrant, Intermediair, Elsevier, Trouw, NRC-Handelsblad, El Pais, Filosofie Magazine en De Groene Amsterdammer. Daarnaast vertaalde hij een groot aantal boeken, van auteurs als Edmund Husserl, Jacques Derrida, Georges Duby, Simon Schama en Nathalie Zemon Davis. In 2006 verscheen van zijn hand een bundel met essays over godsdienst, Het krediet van het credo, twee jaar later gevolgd door de essaybundel De gelukkigste illusies. Over kwaad en verlossing.